logo Vereniging van Gereformeerde Kerkmusici

Vereniging van Gereformeerde Kerkmusici

Aanbevolen boeken

Henk Ophoff, coördinator
[opgave: E-mail ]
Van Linghenhof 16, 7721 JA  Dalfsen
telefoon: 0529 434029
Aanbevolen
Certificaat A
Certificaat B
Examens

voorkant Gods lof op de lippen - dr. Jan SmelikVan de achterflap: Dr. Jan Smelik (1961) is musicoloog en hymnoloog.
Hij promoveerde op het proefschrift Eén in lied en leven. Het stichtelijk lied bij Nederlandse protestanten tussen 1866 en 1938 (1997).
Hij was een van de redacteuren van de recente standaardwerken Nieuw handboek voor de kerkorganist (1995) en Het kerklied. Een geschiedenis (2001).
Regelmatig publiceert hij over liturgische en kerkmuzikale onderwerpen.
Als organist is hij verbonden aan de Gereformeerde Kerk De Rank te Zuidhorn.

In de meeste protestantse kerkgenootschappen is de eredienst onderwerp van gesprek en bezinning. Dat dit vaak gepaard gaat met heftige en emotioneel geladen discussies hoeft niet te verwonderen. De kerkdienst is voor de gelovige immers sterk verbonden met heel zijn geloofsleven, zijn persoonlijke relatie met God.
Tegelijkertijd wordt liturgie gevierd in gemeenschap met andere gelovigen. Kerkdiensten vormen het hart van het kerkelijk leven. Aandacht voor liturgie en haar muziek is dan ook een vorm van hartbewaking die onontbeerlijk is voor de goede gezondheid van de gemeente. Hieraan wil dit boek een bijdrage leveren.
De auteur behandelt verschillende onderwerpen die belangrijk zijn voor de hedendaagse bezinning op de liturgie en de muziek die daar klinkt. Verschillende thema's die in dit boek aangesneden worden, zijn van specifiek belang voor kerken en gemeenten van gereformeerde signatuur, bijvoorbeeld het niet ritmisch psalmgezang, de gezangenkwestie en de Tien Geboden. Daarnaast worden veel items besproken die voor de breedte van de kerk relevant en actueel zijn.

voorkant Het kerklied. Een geschiedenis. Van de achterflap: Aan de bijbelse opdracht houdt dan de lofzang gaande is in de geschiedenis door de kerk op zeer gevarieerde wijze vormgegeven. Onder invloed van onder andere de muzikale cultuur en de theologie kreeg het kerklied steeds een andere vorm en plaats binnen de eredienst. Zo gaven de verschillende kerkelijke tradities binnen het christendom ieder hun eigen kleur aan het kerklied en op tal van momenten in de kerkgeschiedenis was het kerklied aanleiding tot felle conflicten.
In Het kerklied wordt een boeiend overzicht geboden van de geschiedenis en de verschillende vormen van het kerklied binnen de christelijke kerk van het Westen. Beginnend bij de Vroege Kerk beschrijven de auteurs de ontwikkeling van het kerklied in de (oud)katholieke, de anglicaanse, de lutherse en de calvinistische traditie tot op dit moment. Ook de kleinere stromingen en recente ontwikkelingen komen aan de orde. De auteurs plaatsen het beschreven kerklied steeds in de culturele en theologische context van de betreffende tijd.
Het kerklied is een toegankelijk naslagwerk voor eenieder die zich wil verdiepen in de kerkmuziek.

Aan dit boek werden bijdragen geleverd door
prof.dr. J.P. Boendermaker, P.H. Endedijk, drs. M.J.M. Hoondert,
H. Jansen, dr. J.R. Luth, H. Mudde, J. Pasveer, dr. K. Ouwens,
dr. J. Smelik, mgr.drs. J.W.M. Valkestijn en dr. A.M.J. Zijlstra.

voorkant Nieuw Handboek voor de kerkorganist

Van de achterflap: Door de eeuwen heen is de rol van de kerkorganist in de protestantse eredienst verschillend gewaardeerd. De laatste decennia breekt echter steeds meer het besef door dat de organist een wezenlijke bijdrage levert aan de kerkdienst. Als gevolg van deze positieverandering zijn veel organisten op zoek naar meer kennis en informatie.
Met dit handboek bieden de auteurs een standaardwerk met alle belangrijke informatie - praktische en theoretische - voor kerkorganisten. Daarbij richten ze zich op zowel de beginnende als de ervaren organist.
In het theoretische deel van het handboek geven de auteurs onder andere een uitgebreid overzicht van de geschiedenis van de kerkmuziek en het kerklied, en van de verschillende soorten orgelmuziek. Ook wordt ingegaan op de bouw en het onderhoud van het koninklijk instrument.
De praktische hoofdstukken bieden veel waardevolle informatie en adviezen voor het orgelspel zelf en de samenwerking met de predikant en de kerkenraad, de voorbereiding op de eredienst en het begeleiden van gemeentezang. Ook is er speciale aandacht voor het registreren, harmoniseren en improviseren.

Medewerkers:
Th. Goedhart, C. Hoeksma, Chr. Ingelse, P.H. Kriek, J.D. van Laar,
dr. J.R. Luth, W.A. Reil, D. Sanderman, drs. J. Smelik en drs. N.W. Visser.

voorkant Orgelliteratuur bij het Liedboek voor de kerken - Liuwe TammingaUit de Inleiding: Dit naslagwerk betreffende de orgelliteratuur bij het Liedboek voor de kerken wil een handreiking zijn voor zowel de kerkorganist die voor de eredienst literatuur zoekt over een bepaald lied, als voor de concertorganist, die bij een bepaalde periode van het kerkelijk jaar behorende muziek wil vertolken.
Er zijn zoveel mogelijk composities bijeengebracht, waarbij nauwelijks enige selectie is toegepast op de kwaliteit. Wat de Nederlandse orgelmuziek betreft: het tekort aan gegevens in de overeenkomstige uitgaven is hiermee ook opgeheven.
Eerst volgt een literatuuroverzicht bij de psalm- daarna bij de gezangmelodieën. De componistennamen staan in alfabetische volgorde; de titels van de uitgaven worden verkort aangegeven. Waar nummers ontbreken worden pagina's genoemd. De aanduiding in: komt voor bij werken die uitgegeven zijn in albums of in (monumentale) series. Bij gelijke melodieën treft men bij de aangegeven psalmen nog andere literatuur aan. Dit in tegenstelling tot de gezangen waar verwezen wordt naar één gezang (de originele, de meest bekende). Bij verschillende componisten zijn diverse edities geraadpleegd. De opgenomen literatuur is voor een groot deel nog in de handel verkrijgbaar. Ook worden een aantal 19de-eeuwse edities vermeld. Naar manuscripten wordt niet verwezen. Bij het componistenoverzicht zijn de titels volledig vermeld, zo mogelijk met het jaar van composities en copyright, alsmede de uitgever.

Redactioneel bewerkt door Caspar Honders, Jan Luth en Regnerus Steensma,
die zo het project van Liuwe Tamminga tot een goed einde brachten (± 1984).

voorkant Zangers en Speellieden door D.W.L. MiloUit de INLEIDING: Dit boek gaat over zangers en speellieden. De klassieke naam, die ontleend is aan de Statenbijbel, garandeert, dat het zich niet ophoudt met gewone muzikanten, - maar met kerkelijke zangers en musici (aldus de schrijver in 1946).
Maar, behalve het signaleren van misbruiken in onze kerkmuziek, wil deze studie er vooral positief aan meewerken, dat de zegenrijke werking van zang en spel in de eredient des allerhoogsten Gods, zoowel door zangers als speellieden, meer wordt ervaren.
Dit boek is dan niet alleen voor organisten en aanstaande organisten, voor predikanten en ambtsdragers, voor commissies van beheer en orgelcommissies geschreven, maar is bedoeld voor ieder gelovige, die inziet dat kerkmuziek een zaak van de kerk is, waarvoor hij dus mede verantwoordelijk staat. Viel in het oude testament de tempelmuziek voor rekening van de Levieten, die aan de priesters als helpers waren toegevoegd, en was het gelovige volk op dit punt dus onmondig, - sedert het voorhangsel is gescheurd en de schaduwachtige bedeling beëindigd, zijn aan ieder gelovige de drie ambten opgelegd, die hem aansprakelijk stellen. Geen gelovige kan deze verantwoordelijkheid afwijzen met een beroep op zijn muzikaal onvermogen.
Wanneer de Kerk bereid is, zich op de waarde van haar kerkmuziek te beraden, zullen - onder de werking van de heilige Geest - de nieuwtestamentische zangers en speellieden een kerkmuziek gaan ontwikkelen, die de schaduwachtige bedeling, met haar geoefende zangerskoren en weelderige instrumentale muziek, inderdaad in de schaduw laat staan.